Aan boord – Over Oceanen en Binnenzeetjes

Stromboli

Het is een heldere nacht. Rustig glijdt de mailboot over het kalme water. Niettegenstaande het late uur staan de passagiers in dichte rijen aan de verschansing en kijken naar het schouwspel voor zich. Een machtig vuurwerk is het. Tegen de maanverlichte hemel steekt scherp het silhouet af van de Stromboli, de top gehuld in een vuurrooden gloed, welke weerkaatst wordt tegen de rookwolken die de vulkaan uitstoot.

Uit de krater schieten felle vlammen op en van tijd tot tijd een vonkenregen. Langs de hellingen zakt langzaam een vurige lavastreep. Zwijgend staan de passagiers bijeen, geboeid door dit machtige natuurverschijnsel.

Begravenis op zee.

Eindeloos ligt de Indische Oceaan onder een somber dreigende wolkenhemel. Stampend en slingerend baant de “Patria” zich een weg door de woelige golven. De dekken liggen verlaten, niemand waagt zich boven, waar de brekers af en toe over de verschansing heen slaan. De machines dreunen regelmatig.

Plotseling is het of het rhytme onderbroken wordt, het schip mindert vaart en ligt weldra stil op de golven te deinen. Ik buig me nieuwsgierig over de railing en zie hoe op het voordek een kleine plechtigheid plaats vindt. Een Inlandsche bediende is overleden en zal nu aan de zee toevertrouwd worden. Een kort bevel klinkt, snel glijdt de kist de diepte in en duikt weg in de schuimende golven. Nog even blijft de boot liggen en vervolgt dan weer zijn weg, de vallende duisternis tegemoet.